Komt een nieuwetijdskind bij GGZ - Denise Luna - Lichtwerkers Nederland

''Maak maar een mooie tekening'' zei de dame die tegenover mij zat. Voor zover ik kon herinneren tekende ik een huis, een boom, een meisje en een vijver met eenden. Iets wat ik zo vaak tekende.

Toen ik 6 jaar oud was kwam ik voor het eerst terecht bij een hulpinstantie, vlak na de scheiding van m'n ouders. ''Wauw wat teken je mooi, wat doe je het goed!'' zoiets ongeveer. Het enthousiasme en de vrolijkheid van de dame deden iets met mij. Het verbaasde me een beetje, ik maakte gewoon een simpele tekening. Zulke doordringende ogen en een blik die continu gefocust was op mij, maakte me zenuwachtig.

Bureau Jeugdzorg is het begin geweest van een lange reis door allerlei instanties heen. Op deze leeftijd begon ik op te merken dat ik anders was dan andere kinderen. ''Je gaat daar gewoon lekker kleuren en dan komt er een mevrouw bij je kijken, er is helemaal niets aan de hand'' leken mijn gevoelens te bevestigen. 

De jaren gingen voorbij en het tekenen voor de ogen van een volwassene maakten plaats voor de wekelijkse gesprekken. Aan de ene kant wilde ik absoluut niet met iemand praten en had daar toendertijd ook geen argument voor. Het voelde gewoon niet goed, ik wilde het gewoon niet. Vele malen sloot ik mezelf op in het toilet en met man en macht probeerde ik het slot vast te houden. Want als ik hun niet kwam opzoeken, kwamen ze wel naar mij toe.  

Waarom moest ik met iemand praten? Waarom was er met mij iets mis? Ik voelde wel dat ik niet normaal was en schaamde me als ik uiteindelijk openhartig mijn verhaal vertelde omdat ik voelde dat ik niet geloofd werd. Als ik de hulpverlener of mijn (stief)ouders hier meer confronteerde werd het weggewuifd alsof het lucht was. Het was zogenaamd niet waar, waardoor ik als kind al vroeg begon te twijfelen aan mijn intuïtie. 

De uiteindelijke conclusie van Bureau Jeugdzorg was dat ik geesten zou zien omdat ik graag mijn ouders weer bij elkaar wilde hebben. 

Iedereen dacht dus dat ik loog. Dat is erg pijnlijk geweest voor mij als kind.

Na jeugdzorg komt ggz

''Denise heeft weer last van het zien van geesten, het af en toe horen van stemmen, bang zijn dat er s'nachts posters van de muur vallen en dat de computer vanzelf aan gaat. Denise denkt dat zij helderziend is. Deze problemen hebben zich vroeger ook voorgedaan.'' 

Rond de leeftijd van 10 begon het gevoel dat ik liever dood wilde zijn steeds meer naar de oppervlakte te komen. Als ik doodging en dan naar de hemel ging, dan was er geen pijn meer. 

Overstuur als ik regelmatig was klom ik over de reling van de flat. Ik was altijd al bezig met het fantaseren over de planeten, het nadenken over de dood en wat er daarna zou zijn. Ik wist dat ik pas gelukkig kon zijn, als ik dood was. Dat er een hemel was waar ik naartoe kon gaan en daar in vrede mocht leven. Dat ik daar gelukkig kon zijn en me niet meer alleen voelde. Maar het verdriet wat ik hiermee aan zou richten aan de mensen van wie ik hield weerhield mij daadwerkelijk te springen. Natuurlijk werd er gedacht dat het werd gedaan als een roep om aandacht, een roep om hulp. Ja, natuurlijk wilde ik zo graag hulp en heb ik mijn hele kindertijd en jeugd noodgedwongen besteed aan het zoeken van hulp van buitenaf, en daarbij was er een hele serieuze drang om maar niet meer te hoeven voelen, ik was verdrietig geboren zei ik altijd.

Als kind heb je een stabiele basis nodig, dat je ouders als je anker zijn. Dat je je ergens welkom voelt, thuis voelt en waar je je leert vertrouwen op jezelf. Ik wilde zo graag dat mensen van mij hielden. Het werd ook wel gezegd, toch ontbrak de echte verbinding die ik nergens leek te kunnen vinden buiten mijzelf, het gemis van daar waar ik vandaan kwam. De bron.

Ik wilde dat iedereen open en eerlijk was tegen elkaar en dat we gewoon allemaal gelijk waren. Ik had er vaak de pest in als ik op een verjaardag ''bij de kinderen moest gaan zitten''. Veel liever deed ik mee met het gesprek van de volwassenen, maar daar was ik ''veel te jong'' voor. En dat was ''niet voor mijn oren bestemd.'' Naast het verdriet dat ik had om de wereld, de angst van het zien van geesten, het horen van stemmen en mezelf anders voelen ten opzichte van anderen had ik ook te maken met woede. Deze woede kwam er vaak uit in de behoorlijke driftbuien die ik had, het gillen, het krijsen, het bonken van m'n hoofd tegen de muur, explodeerde vaak in het overgeven en geen lucht meer krijgen. Ik had afgesproken met m'n moeder dat ze dan mijn hoofd vasthield en onder de koude kraan deed, om zo weer rustig te worden.

Ik kon er niet tegen als ik ergens buiten gehouden werd en zeker niet als er over me werd gepraat. Waarom mocht ik daar nooit bij zijn? Het voelde gemeen en als verraad. Ik zag mijzelf als één van hen. Waarom ben ik als kind minder dan een volwassene? Bij ''zielige liedjes'' op de radio kon ik mijn tranen niet bedwingen, ik had een groot verdriet, maar waarom? Ik had het gevoel dat ik nergens terecht kon met mijn gevoelens en de realiteit die ik leefde. De volwassenen waar ik tegenop keek, waar ik op wilde leunen en waar ik me achter wilde verschuilen, begrepen me niet. Ik voelde me vaak erg eenzaam te midden van de mensen waarvan ik hield omdat ze mij niet (echt) geloofden.

''Denise zegt dat zij vaak bang is voor het zien en beleven van ''paranormale'' dingen. Denise wil het liefste dat het overgaat of dat zij leert hoe zij het beste met haar ''paranormale'' gaven om kan gaan.''

Volgens het laatste rapport van Bureau Jeugdzorg heb ik ambulante hulpverlening gekregen om ''beter te leren omgaan'' met de scheiding van mijn ouders en mijn angsten. Dat wordt dan neergezet als feit, omdat dat zo wordt gezien. Er wordt dus geobserveerd door een mens die ''ervoor heeft geleerd'' en dat is dan de waarheid, en daar moet je het maar mee doen. Als kind, lijk je daar kansloos tegen. Het voelde alsof de ''jonge ziel'' de ''oude ziel'' wel even gaat vertellen hoe de vork in de steel zit. Ze wakkerden het wantrouwen van mijn ouders en omgeving naar mij, aan.

 

Seksueel misbruik

Toen ik 12 jaar oud was, werd ik misbruikt door de man die bij ons in huis woonde. De man die ik vertrouwde als een belangrijk vaderfiguur in mijn leven, de man die mij hoorde te beschermende, zorgde ervoor dat ik helemaal uit mijn lichaam ging en nog meer verzet kreeg tegen het leven op aarde. Het vertrouwen in de man, zeg maar gerust het vertrouwen in de mensheid was  gebroken, het was weg. Aangezien ik te laf was om te springen begon ik met het mezelf uithongeren. Dat gaf me nog enigszins het gevoel van ergens controle over te hebben. Hier zal ik in een ander blog op in gaan.

Ondanks mijn moeder hem letterlijk het huis had uitgeslagen nadat hij het uiteindelijk aan haar had toegeven, had de omgeving en de instanties twijfels, of ik wel de waarheid sprak aangezien ''ik altijd al had gelogen over bepaalde dingen'' en werd ik gedwongen om hier weer over te gaan praten bij een hulpverlener. Ik wilde helemaal niet praten omdat ik me vreselijk schaamde over wat er was gebeurt. Het enige wat ik nog kon doen is huilen. Volgens sommige moest ik mezelf niet zo aanstellen. Het verhaal dat namelijk de ronde ging was, dat mijn moeder hem verlaten had voor een ander. Ik was niet alleen mijn stiefvader kwijt, maar zijn (mijn) hele familie die recht achter hem bleef staan. Het was mijn woord tegen het zijne. Hij, die kon praten als brugman, een populair figuur met een best wel dominante energie tegenover een 12 jarig meisje. Terwijl ik als ''dader'' mezelf  bijeen probeerde te houden,  als een hoopje ellende, en het gevoel had mezelf niet schoon te kunnen krijgen onder de warme stralen van de douche, werd hij als ''depressef slachtoffer'' van de hele situatie, omgeschoold van ijsjesverkoper tot rij-instructeur(!)

Op het politiebureau moest ik gedwongen mijn verhaal doen, want ik durfde niet  en ik wilde er al helemaal niet over praten. Ik had medelijden met hem. Dat medelijden hebben, heeft mij nog lang dwarsgezeten. Want hoe kan je medelijden hebben met iemand die jou zoiets aandoet? Ik vond dat erg raar van mezelf, maar ik had het tenminste wel eerlijk uitgesproken. Is dat niet logisch? Als een kind naar een vader(figuur)? Ook wist ik niet meer precies welke broek ik die avond aanhad. Het kan best dat ze hierdoor aan mijn verhaal twijfelden. ''Denise, als je liegt willen we je zeggen dat dit serieuze consequenties heeft.'' zei de politieagente, die duidelijk geen moeder van kinderen was. Ik wist niet wat ik hoorde, en barstte uiteindelijk in tranen uit. ''Huil je omdat je zit te liegen? Heb je daar nu spijt van?''

Lamgeslagen als ik was, werd de zaak beoordeeld door Justitie en wachtte we op de uitspraak. Wegens onvoldoende bewijs werd deze zaak geseponeerd en ik kon me oren niet geloven. Alsof een kind wordt gegrepen in het openbaar met getuigen erbij, natuurlijk was er geen hard bewijs! Ik vluchtte de kamer uit, weg van de mannen in de zwarte jurken en trapte in het rond tegen de stoelen en plantenbakken en de rest is nogsteeds een waas. Het mag dan ook duidelijk zijn dat mijn vertrouwen in het systeem, die je zouden moeten helpen, zeker als je een kind bent, was verbroken. Hiermee was het verzet tegen politie en justitie geboren en alles wat daarmee te maken had.

Opnieuw ''had ik volgens de omgeving hulp nodig'' van de mensen die ervoor ''hadden gestudeerd''. ''Zijn jullie weleens verkracht? Zou je daar open over willen spreken met een vreemde?'' vroeg ik mij dan af. De opstandigheid, de agressiviteit naar mezelf en naar de omgeving, is dat niet heel normaal voor een kind die het gevoel heeft nergens terecht te kunnen, die niet wordt gezien, die niet wordt gehoord en waar geen schoot van veiligheid wordt aangeboden? 

De stickers der Stoornissen

In alles wat ik deed of in alles wat ik zei kreeg ik kritiek en voelde ik dat ik beoordeeld werd. Ik kon niet vaak iets goeds doen. Ik was een liegbeest, ik was gek, ik was niet goed genoeg. Altijd had ik iedereen geloofd en alles aangepakt wat er van buiten mij werd aangereikt. Ik had immers nooit gehoord, laat staan geleerd, dat ik slechts de focus nodig had op mijn binnenwereld, daar waar de verbinding met de bron, zoals in ieder wezen ligt opgeslagen. ''Ik had weer hulp nodig'' omdat ik niet normaal was en omdat ik me niet normaal kon gedragen. Als ik huilde stelde ik mezelf aan. Ik kon niet meer vertrouwen op de wereld en ik kon niet meer vertrouwen op mezelf. Zelfs de mensen die ervoor ''hadden geleerd'' wisten niet meer wat ze met me aanmoesten. Tijdens mijn psychose werd alles erger. Ik wist van voor niet meer dat ik van achter leefde en raakte in een isolement. Met mijn zelfhaat, haat naar de wereld en naar alles en iedereen was ik mezelf langzaam aan het vernietigen. Nadat mijn suïcidale gedrag erger werd na de eerste weken van het innemen van de antidepressiva heb ik meerdere keren stilletjes een einde proberen te maken aan mijn leven.  De stemmen in mijn hoofd vertelde me de gruwelijkste dingen waar ik nog angstiger van werd, ze vertelden me hoe slecht ik was en dat ik dit had verdiend. Ik bonkte mijn hoofd net zolang tegen de muur totdat het ophield. De overleden mensen bleven zich in steeds grotere getale aan dienen in de vorm zoals ze gestorven waren. 

Het was officieel: mijn stoornissen werden met zegels bekroont en stickers werden geplakt. Er was iets goed mis met mij, volgens ''de geleerden''. ''Je komt er niet meer vanaf en zult er maar mee moeten leren leven, Denise''. Jarenlang heb ik dit geloof voor waarheid aangenomen. Aan de ene kant voelde het als een opluchting dat het beestje een naam had. Inmiddels was met de komst van internet informatie toegankelijk en begon ik met het zoeken naar deze ''geestelijke ziekten''. Steeds meer liet ik de drang los om te zoeken naar ''spirituele dingen'' omdat ik nu begreep dat mijn hersenen niet functioneerde zoals iedereen en dacht ik dat dit allemaal kwam doordat ik ''geestesziek'' was.

Natuurlijk voelde sommige in de omgeving de noodzaak om weer te roepen dat ik hiermee aandacht kon trekken om mijn vader weer terug te winnen in ons nest. Na het woord geesten en de verkrachting kon ik nu mooi de aandacht opeisen die ik graag wilde omdat ik borderline had. De officiële term borderline kon niet worden gegeven als kind onder de 14 jaar. Volgens de mensen die ''ervoor gestudeerd'' hadden stak ik met kop en schouders boven de vragenlijst uit. Zij hebben er voor geleerd, dus dan zullen wij het wel weten, dacht ik.

Weg coachen bij intuïtie

Van hulpverlener A vervolgde ik mijn weg naar hulpverlener Z. Bij het kennismakingsgesprek wist ik eigenlijk direct al wie ik tegenover me had zitten. Of ik diegene kon vertrouwen. Of diegene de waarheid sprak. Of ze mijn hulpvraag serieus namen. Als ik ook maar iets voelde dat niet zuiver was, durfde ik niet meteen op te staan en weg te gaan, verlegen als ik was. Ik zat het gesprek netjes uit, verborg mijn verdrietige gevoelens. ''Hoe kan iemand, iemand helpen als ze het zelf niet hebben meegemaakt?'' Ik kon dat gewoon niet begrijpen, hoe bestond het dat je dit kon leren uit een boek?'' Ik maakte geen vervolgafspraak omdat ik diep van binnen wist dat dit niet zou gaan werken.

Ik was natuurlijk zwak dat ik wéér stopte met een ''behandeling'' of hulpverlener. En wilde het liefst m'n vader en moeder pleasen, ik wilde zo graag horen dat ik het goed deed maar ik faalde blijkbaar als ik deed wat goed voor mij voelde, in plaats van het volgen van de wil van anderen. En hoe meer ik deed wat men mij vertelde, hoe meer ik bij mezelf weg raakte. De toegebrachte schade die ik aanbracht aan mijn lichaam viel steeds moeilijker te verbergen en er werd gedreigd met opsluiting, veilig achter slot en grendel, een gevaar voor anderen en zichzelf. Koste wat het koste moest ik mezelf in toom gaan houden tegen hulpverleners en doen alsof er verbetering was, bij hen en in de thuissituatie. Ik moest tenslotte gevormd worden om mee te kunnen draaien met de huidige maatschappij.

Wat mij is opgevallen in deze veertien jaar durende cirkel van Geestelijke Hulpverlening van talloze verschillende psychologen, maatschappelijkwerkers, medewerkers van slachtofferhulp en psychiaters is dat ik elke keer weer weggecoacht werd bij mijn intuïtie. Er werd mij geleerd dat ik vooral mijn hoofd moest gebruiken en goed moest nadenken voordat ik iets deed. Dat ik me aan moest passen. Dat ik me goed diende te gedragen. Ik moest gewoon naar school gaan, ook al was er angst. Ik voelde namelijk iedereen naar me kijken, ik voelde het als de kinderen het over mij hadden en stond meer bij kinderen met problemen of uit gebroken gezinnen dan dat ik mee deed met de populairste van de klas.

Ook had te accepteren dat het nooit meer goed kwam tussen mijn ouders. En op sommige momenten, ook als ik dit verhaal schrijf overvalt de woede me een beetje, dat er nogsteeds gedaan werd alsof het allemaal aan die scheiding lag. Natuurlijk was ik in het begin verdrietig en geshockt, ook omdat ik er zelf tot overgevend aan toe bij aanwezig was geweest. Ik had het allang een plaats gegeven. Elke keer werd er weer gehamerd op het feit dat ik een kind van gescheiden ouders was, en dat daar mijn denkbeeldige vriendjes vandaan kwamen. Ik was een verknipt kind en het kwam niet meer goed met mij. Ook hoefde ik simpelweg niet bang te zijn voor de overledenen die ik zag, omdat er die gewoon niet waren. Het bestond niet. Het was er niet. Laat staan dat er simpelweg gewoon even was gezegd: meisje, je kunt ze wegsturen en zeggen dat je dit niet meer wilt, had in die tijd waarschijnlijk een wereld van verschil uitgemaakt voor mij. Maar de ''reden'' dat ik zag wat ik zag en hoorde wat ik hoorde kwam doordat ik ziek was in mijn hoofd. ''Maar hoe ik kon weten wat er met ons hondje Dusty was gebeurt, terwijl wij op vakantie waren, daar was geen antwoord op.'' En zovele tientallen dingen die ik niet kon weten. Dat deed er niet toe want dat was niet de gang van zaken, dat kan niet. Dat zou ik hebben verzonnen en daarover hebben gelogen. In de dossiers van elke instantie is dat terug te vinden, ik was een ''liegbeest'' om zo mijn omgeving te kunnen manipuleren.

Nieuwetijdskind

Ondanks dat mijn moeder wel of geen twijfels had, nam ze me mee naar een paranormaal beurs bij ons in de buurt. Ze was laatst een medium tegengekomen die tegen haar, over mij, had gesproken. Dat ik een nieuwetijdskind was en paranormaal begaafd. Dat het een gaven was en dat er meer kinderen waren zoals ik. Nog steeds weet ik niet welk medium dit was, wel ben ik haar tot op de dag van vandaag heel erg dankbaar voor het aanspreken van mijn moeder, ze heeft met haar openheid de deur opengebroken voor mij, naar de spirituele wereld, een wereld waarmee ik direct in verbinding stond.

Toen ik de deur opendeed van de beurs. Ik zal dit moment nooit meer vergeten. De hele beurs kwam als een beeld dat in een flits in mijn oog ging. Ik kan vandaag nogsteeds niet uitleggen wat dat voor een bizar moment dat was. Ik voelde wel dat ik hier moest zijn. En ondanks dat ik bang was, waren alle mensen heel vriendelijk tegen mij en zagen ze er eigenlijk gewoon heel normaal uit. Ik kreeg van mijn moeder mijn eerste setje orakelkaarten: de ja-maar kaarten. Ook mocht ik een foto laten maken van mijn aura, alleen durfde ik dat niet omdat ik erg bang was dat ze dan zagen dat mijn aura zwart was, hoe ik daarbij kwam, weet ik niet meer.

Natuurlijk is het de hele weg vallen en opstaan geweest. Toch heb ik mezelf ontwikkeld als een kerngezonde, gelukkige jonge vrouw zónder weet ik veel welke persoonlijkheidsstoornis. Ik denk dat iedereen ondertussen gillend gek zou zijn geworden na de ervaringen op deze weg. En wat heeft mij uiteindelijk geholpen?  Mijn bewustzijn heeft me behouden. Vaak denk ik nog terug aan deze bizarre tijd, en dit blog is slechts een kleine greep uit de talloze gebeurtenissen die elkaar opvolgde in mijn kindertijd en jeugd. Het contact dat ik kon voelen in mijn hart, dat niemand van me af kon nemen. Waar ik elke dag weer verbinding mee kon maken, zodat ik me geliefd voelde en nooit meer alleen. 

Dankjewel voor het me helpen ontwaken

Lichtwerkers Nederland is de uiterlijke manifestatie van de innerlijke transformatie die ik heb gemaakt en waar ik nogsteeds doorheen ga. Gevoelens van verwijten, oordelen en onrechtvaardigheid hebben plaats gemaakt voor oprechte dankbaarheid. Meer licht aan deze instanties die op een bepaald niveau denken dat ze juist hebben gehandeld.  Ook vraag ik meer Licht voor de man die zijn lusten niet kon bedwingen op mij als kind, waarmee ik vorige week voor het eerst, na 15 jaar, oog in oog mee kwam te staan, wat waarschijnlijk nog wordt vervolgd in een ander blog. Nog steeds doe ik oefeningen met het ''vergeef ze, want ze weten niet wat ze doen'' wat uiteindelijk alleen maar tot mijn bevrijding kan leiden. Het gevoel van vrijheid daadwerkelijk te ervaren zoals het is bedoeld. Ze hebben niet meer de afstandsbediening in hun handen van mijn emoties. En daarmee kies ik, en kies ik elke dag op nieuw. En zeg ik dankjewel, omdat jij laat mij voelen, daar waar ik nog niet genoeg van mezelf houd. Want het licht kan zijn licht alleen maar beseffen in dat wat duisternis lijkt.

Juist mede door deze instanties, en pijnlijke situaties  ben ik vroeg in mijn jeugd tot een ontwaking gekomen en ben ik mijn spirituele pad al erg jong gaan volgen. De storm en de tegenwind hebben mij uiteindelijk alleen maar dieper in verbinding gezet met mezelf, mijn kern en met de aarde. De weg die mij heeft gebracht tot waar ik nu ben. Wat mijn passie heeft aangewakkerd ''het beter'' te doen, speciaal voor de mensen zoals ik, echt de verandering zijn die ik wens te zien in de wereld. Nu weet ik, dat er geen slachtoffers zijn, en geen daders en probeer ik hier elke dag mijn meesterschap te claimen. De wereld was niet tegen mij, maar ik was tegen de wereld. De wereld was een weerspiegeling van hoe ik er innerlijk voor stond, en is nu nogsteeds een weerspiegeling van hoe ik er vandaag voor sta.

Vandaag de dag kom ik kinderen tegen waarvan ik veel van mezelf in hun herken. Ik merk dat ik eerder wordt gezien als ''grote zus'' dan een ''jongvolwassene'' waardoor ik heel gemakkelijk contact leg met kinderen. Als ik een kind tegen kom, op straat of waar dan ook, probeer ik altijd met al m'n liefde het kind te groeten en naar het kind te lachen. En als je in alle eerlijkheid, openheid, en vanuit je hart een kind betreedt, ga je die band aan, van gelijkwaardigheid, onvoorwaardelijkheid en oprechtheid.

Geef alsjeblieft je kind niet af als een ding dat gerepareerd moet worden door iemand die dat alleen maar doet voor het geld dat ze daarvoor krijgen. Alsof die persoon jouw kind beter kent dan jijzelf.

Denise Luna
Lichtwerkers Nederland